Pensioensparen anno 2018 … Maximaal fiscaal voordeel vs. maximaal kapitaal?

Het pensioensparen is ondertussen al jaren gekend bij iedereen en een klassieker onder de verschillende formules van aanvullende pensioenvorming. Zowat 2,55 miljoen mensen deden er in 2016 aan mee, via een storting in een bankfonds, of een premiebetaling in een pensioenspaarverzekering. Ondertussen komen er ook steeds meer mensen bij met een aanvullend pensioen in de 2e pijler, de zogezegde beroepsgebonden pensioenen, namelijk 3,58 miljoen in 2016. Maar wat de individuele mogelijkheden in de 3e pijler betreft, blijft pensioensparen veruit de meest verspreide. 

Spaarplafond pensioensparen omhoog tot 1.230 EUR

Het kapitaal dat u met pensioensparen kunt opbouwen, is al bij al beperkt. Wie op zijn 35e begon te sparen in 2000, kan tegen zijn 65e in 2030 zo’n 30 à 40.000 EUR verwachten. We houden hierbij rekening met het jaarlijkse maximumbedrag dat elk jaar mogelijk was: van 22.000 BEF (of 545,37 EUR) in 2000 tot 960 EUR vandaag. Die bedragen worden in principe jaarlijks geïndexeerd en afgerond tot op een hoger tiental, wat een beperkte verhoging inhoudt. Meer kunnen sparen zou dus welkom zijn om een hoger kapitaal te kunnen opbouwen. Goed nieuws, want vanaf dit jaar kan de pensioenspaarder, los van de indexatie, een grotere stap vooruit zetten. Recent heeft de regering immers beslist het maximum op te trekken tot 1.230 EUR.

Evolutie pensioensparen

Het is niet de eerste keer dat het plafond merkelijk verhoogt door een regeringsbeslissing. Ook in 2006 besliste de toenmalige regering Verhofstadt tot een verhoging, waardoor het maximum van 620 EUR naar 800 EUR verhoogde. Voor wie het zich nog herinnert: al bij de opstart van het systeem in 1987 was de mogelijkheid voorzien om het toenmalige plafond van 20.000 BEF te verdubbelen. Dat is echter nooit gebeurd. De steeds terugkerende budgettaire problemen van de opeenvolgende regeringen zijn daar niet vreemd aan.

Verschil in fiscaal voordeel: welke keuze maakt u?

Deze regering doet het dus wel, al verhoogt ze wel met de rem op. Eerst heeft ze gedurende 4 jaar de indexatie stopgezet. Van 2014 t.e.m. 2017 werd het maximale bedrag immers bevroren op het niveau van 2013, zijnde 940 EUR. Nu wordt het maximum opnieuw geïndexeerd en wordt het 960 EUR. Maar daarnaast wordt ook een betaling tot 1.230 EUR mogelijk.
Dat lijkt aantrekkelijk, maar de regering is geremd doordat ze wil dat deze verhoging ‘budgettair neutraal’ is. Er is dan ook een nadeel verbonden aan de mogelijkheid om meer te kunnen sparen: het fiscale voordeel op het totale bedrag zal slechts 25 % bedragen, als u meer spaart dan 960 EUR. Wanneer u zich aan het eerste maximum van 960 EUR houdt, behoudt u daarop 30 % fiscaal voordeel.
U wint dus amper 19,5 EUR aan belastingvermindering (25 % op 1.230 EUR ten opzichte van 30 % op 960 EUR), maar u zult uiteraard wel een hoger kapitaal kunnen opbouwen. Die keuze zult u dus als pensioenspaarder moeten maken in 2018: een maximaal kapitaal opbouwen, of een maximaal fiscaal voordeel nastreven.